Home Columns Hans Roelofs Thuis knalde het

Thuis knalde het

Op zijn dagelijkse ronde, loodgieter Hendrik was de man voor noodklusjes, maakten zijn voeten altijd links uit de flank als hij langs het café van oude André kwam. Hij was niet de enige, de kastelein tapte het lekkerste bier en schonk een borrel met een kop erop. Dat laatste was vermakelijk, want hoewel André met bibberende handen door het leven ging, zag hij kans het borrelglaasje in één riedel tot de rand vol te gieten, zonder een druppel te morsen.

Op een dag moest Hendrik drie kippen halen voor zijn vrouw Nel. De beestjes waren bestemd voor Sita, de huishoudster van mijnheer pastoor en goede vriendin van Nel. Hendrik slachtte twee kippen voor de pastoor en de kapelaans. De derde hield hij zelf. Het pluimvee ging in een doos, bond deze op de bagagedrager en zo ging Hendrik op pad. Maar natuurlijk kreeg hij het weer moeilijk in de buurt van het bord ‘volledige vergunning’. “Nou effe dan”, sprak de inwendige stem en Hendrik parkeerde de fiets voor het café.

Aan de stamtafel zaten de vaste gasten achter hun versnapering en bespraken de laatste roddels en sterke verhalen. Hendrik vertelde over zijn boodschap. Daar snapten die kerels niets van. Kippen voor  die vervelende pastoor, dat ging hun boven de pet. Een van de stamgasten knipoogde naar de anderen en ging naar buiten. Hij pakte rap de doos van de fiets liep er mee naar achter en haalde drie duiven uit het hok van de kastelein. Vlug werd de doos van inhoud gewisseld. Alles op de fiets gebonden zette hij zich zonder een spier te vertrekken weer aan de stamtafel.

Even later ging Hendrik op pad naar de pastorie. Daar aangekomen deed Sita open en oh, wat was ze blij met de kippen. “Hendrik kom binnen voor de koffie, wil je er een plaatje koek bij?” Sita bijzonder in haar nopjes  vroeg:  “Zijn ze al geslacht”. “Ja natuurlijk”, zei Hendrik, “kijk maar” en onmiddellijk fladderden de duiven door de keuken. Paniek in de pastorie, want de duiven lieten hier en daar ook wat vallen. Sita was ziedend, het vangen van de duiven was niet zo eenvoudig. Toen Hendrik ze eindelijk in de doos had gestopt was de keuken een chaos.

Met een rood hoofd verontschuldigde Hendrik zich en beloofde zo snel mogelijk de kippen te brengen. In het café werd hij met hoongelach ontvangen. Het verhaal deed snel de ronde in het dorp, maar wat Hendrik thuis hoorde laat zich slechts raden.

Hans Roelofs

© Pluskrant