Home

Inburgeren

Iedereen moet inburgeren. Niet alleen buitenlanders. Oké, ze moeten dan wel de goede papieren hebben. Nederlanders krijgen die cadeau bij de geboorte. Maar inburgeren, moeten we allemaal.

Doen we het zelf, of worden we ingebur­gerd? Kijk naar de kinderen: van meet af aan storten ze zich uit alle macht op deze uitdaging. Vrijwillig. Onvoorwaardelijk. Ze zijn erop geformatteerd, zou je kunnen zeggen. Al weer een geboortecadeautje. Met behulp van hun meegeleverde programma leren kinderen praten, lopen, fietsen en computeren. Dat neuzen ze van ons af. Dat leren ze ook in de omgang met de dingen zelf. Relaties en ervaringen zijn kernwoorden bij het inburgeren.

Kinderen houden zich daarbij niet aan schooltijden en lesroosters. Ze leren con­tinu. Hoewel ze dat zelf niet zo noemen. Om iets te benoemen moet je afstand nemen. Er is één plek waar dat gebeurt: de school. Boven de ingang van de school staat in onzichtbare woorden: Verboden voor wie niet wil leren.

We hebben het schoolgaan wel verplicht gesteld. Daardoor raken we nu en dan in de problemen. Want leren verplicht stellen is overbodig: een mens kan het gewoon niet laten. Met 'leerplicht' bedoelen we kennelijk iets anders. Het echte leren gebeurt in school, niet daarbuiten.

De school is een enorm inburgering­project. Kosten noch moeiten worden gespaard. Er gaat geen week voorbij of

De media hebben het er over. Zelfs op internationaal niveau is het een steeds terugkerend thema. Het eerste wat ont­wikkelingslanden te doen staat is: scholen bouwen.

Doen we het zelf of worden we ingebur­gerd? Is het ingebouwde leerprogramma van mensen compatible met het leerpro­gramma van de school? Staan relaties en ervaringen (de motoren van het leren) ook binnen de school centraal? En van wie is de school eigenlijk?

Oké, de school is van de ouders. Of niet soms? Ze is, naast het gezin en de familie, de plek waar het inburgeringproces wordt aangestuurd. Het is daarom niet alleen verstandig maar zelfs noodzakelijk dat school en gezin regelmatig contact heb­ben.

 Niet alleen over de vraag: Wat moet dit kind weten en kunnen? Maar vooral over de vraag: Welke ervaringen heeft dit kind nodig om zich voldoende te kunnen ontwikkelen? En: welke relatie’s met mensen, met de natuur, met de dingen, met….?

Het nieuwe schooljaar is een goed moment om voor de komende tijd samen een lijst daarvoor op te stellen. Doen we het zelf niet, dan wordt het door anderen gedaan. Maar anders.

Tom de Boer

© Pluskrant